“De positieve effecten van kunstonderwijs zijn allang bewezen”

Journalist Jassir de Windt interviewt Rob van Waaijen van Stichting Jam

foto: Jassir de Windt

In april dit jaar was het precies 70 jaar geleden dat de vereniging Jeugd en Muziek Amsterdam werd opgericht. In de loop van de jaren zeventig is de naam officieel veranderd in Stichting JAM. Aanzienlijke kunstonderwijsprojecten, zoals de Kunstschooldag(en), kunnen aan de stichting worden toegeschreven. In dit platina jubileumjaar, laten we de directeur van Stichting JAM, Rob van Waaijen, aan het woord.

“Vanaf het begin is ons doel geweest om jeugd en jongeren actief en passief te betrekken bij kunst en cultuur”, zegt van Waaijen. “Eerst enkel gericht op muziek. Later is dit verbreed naar alle kunstdisciplines en doelgroepen”. De stichting was een van de organisaties die in tachtiger jaren aan de basis heeft gestaan van het slechten van de kloof tussen kunst en cultuur en het basisonderwijs. Dit gebeurde in samenwerking met de Inspectie Kunstzinnige Vorming, de directies van diverse Amsterdamse kunstinstellingen en de afdelingen Kunstzaken en Onderwijs van de Gemeente Amsterdam. “Het initiatief om kunst en cultuur en het basisonderwijs dichter bij elkaar te brengen was het startmoment van het evenement Kunstschooldagen van een betere coördinatie vanuit het kunstenveld naar het Onderwijs”, vertelt van Waaijen. “De Gemeente hevelde in die periode de subsidies van Melkweg, Paradiso, Muziekschool Amsterdam en de instellingen Kunstzinnige Vorming over van Jeugdzaken naar Kunstzaken. In de portefeuille Onderwijs bleven Muziekluisterlessen en Kunstkijkuren”.

Het resultaat was dat scholen centraal op het aanbod konden intekenen, zodat er een afstemming kon worden gemaakt. De coördinatie was in handen van Stichting JAM. De stichting heeft tevens de basis gelegd voor een groter aanbod vanuit de kunstinstellingen naar het onderwijs. Hieronder vallen onder andere het educatieprogramma en activiteiten van het Concertgebouw, het Koninklijk Theater Carré, het Nederlandse Philharmonisch Orkest en het Ricciotti Ensemble. “Zowel politiek als financieel was er veel steun van de Gemeente Amsterdam”, zegt van Waaijen. Zodoende heeft  de stichting dankzij een stimuleringssubsidie van de Europese Gemeenschap Matchpoint,  Cultuureducatie Amsterdam Zuidoost kunnen opzetten en gedurende zes jaar een speciale programma, zowel in het basis- als voortgezet onderwijs kunnen aanbieden.

Bewezen effect

Het ultieme doel is natuurlijk om meer kinderen, leerkrachten en ouders actief en passief te betrekken bij kunst en cultuur”, vertelt van Waaijen. “De positieve effecten van kunstonderwijs zijn allang bewezen, ondanks de negatieve geluiden afkomstig vanuit bepaalde politieke stromingen. Met name op het gebied van muziek is dit door verschillende vooraanstaande wetenschappers bevestigd”. De Kunstschooldag[en] is een aansprekend voorbeeld van wat Stichting JAM organiseert op gebied van kunsteducatie. Het doel van Kunstschooldag[en] is helder: het op speelse, enthousiasmerende en vrolijke manier toegankelijk maken van kunst en cultuur voor het publiek van de toekomst. Met als subdoel vooral die leerlingen bereiken die van huis uit niet gewend zijn kunstinstellingen te bezoeken. “Het aanbieden van voorstellingen, concerten en andere activiteiten op professioneel en van hoogstaand niveau is daarbij een dwingend streven”, aldus van Waaijen.

“Internationaal wordt met jaloerse ogen gekeken naar het concept van Kunstschooldag[en]”

Een sociale cohesie bevorderend neveneffect is dat kinderen, doordat ze een dag lang door de hoofdstad trekken, delen van de stad ontdekken die ze nooit eerder hebben bezocht: Amsterdam Zuid-kids kijken hun ogen uit in de Westelijke tuinsteden, kinderen uit Zuidoost zien voor het eerst de grachtengordel en leerlingen uit Noord komen terecht in de nooit eerder bezochte Staatsliedenbuurt. De grenzen worden verlegd, letterlijk en figuurlijk. “Internationaal wordt met jaloerse ogen gekeken naar het concept van Kunstschooldag[en]”, zegt  van Waaijen. “In de afgelopen jaren hebben verschillende delegaties uit Frankrijk, België, Oostenrijk, Noorwegen, de VS en China de Kunstschooldag[en] bezocht. Op het Zweedse eiland Gotland is de afgelopen drie jaar een pilotversie georganiseerd en zijn er onderhandelingen om ‘Arts School Day’ landelijk uit te rollen”.

Amsterdam koploper?

“Vanuit mijn internationale functies in verschillende organisatie kom ik al jaren in veel landen: in het internationaal circuit is met verbazing gereageerd op het feit dat Nederland, als een van de rijkste landen ter wereld, zoveel heeft bezuinigd op kunst”. Volgens van Waaijen geven vele orkesten, zoals bijvoorbeeld het Berliner Philharmonic Orchestra, al jaren concerten voor kinderen. Het Boston Ballet geeft in de maanden november en december dagelijks schoolvoorstellingen. Hetzelfde geldt voor de staatsscholen in China: in Beijing zijn twintig cultuurgebouwen waar kinderen op kosten van de Gemeente Beijing verschillende kunstvormen kunnen uitproberen. Op hun beurt zijn de Scandinavische landen al geruime tijd voorloper van het organiseren van muziekactiviteiten voor de jeugd. Nationale organisaties bestaan ook in landen als Frankrijk en Noorwegen.

“Amsterdam zou in de loop der jaren wereldwijde koploper kunnen worden op het gebied van kunstonderwijs.”

Volgens van Waaijen was de dreun van de landelijke bezuinigingen op de kunsten door voormalig staatssecretaris Halbe Zijlstra (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap), evenals de bezuinigingen van de Gemeente onder leiding van de toenmalige wethouder, vernietigend. “Gelukkig is het tij wat gekeerd, maar ondanks beloftes van alle politieke partijen tijdens het Kunst- en Cultuurdebat, is deze nog niet vertaald in extra geld. Wel is dit voornemen opgenomen in het coalitieakkoord van Groen Links, SP, PvdA en D’66. In januari 2018 is er een evaluatierapport van het basispakket kunsteducatie verschenen, maar tot op heden is hieruit nog geen nieuw beleid voortgekomen”. Van Waaijen benadrukt dat er in de afgelopen jaren door het onderwijs en de kunstinstellingen veel energie en tijd is gestopt in het ontwikkelen van kunst- en cultuurprogramma’s. Mede daarom is het van belang dat er nu wordt doorgepakt door het Gemeentebestuur. “Amsterdam zou in de loop der jaren wereldwijde koploper kunnen worden op het gebied van kunstonderwijs. ”