Quickscan Fondsenwerving

De quickscan helpt de school een realistische afweging te maken om wel of niet aan (structurele) fondsenwerving te beginnen. Hij helpt de school om in te schatten of er tijd en kennis genoeg in huis is om succesvol gelden binnen te halen. Daarnaast bereidt de quickscan de school voor op het maken van keuzes voor de vorm waarin gelden bijeen wordt vergaard: van institutionele fondsen en vermogensfondsen, van particulieren of van sponsors. Bij stap 0 van het stappenplan, Voor u begint, worden die verschillende bronnen waaruit kan worden geput, nader toegelicht.

Een Amsterdamse school heeft meestal wat geld voor cultuuronderwijs: subsidie van de gemeente of provincie, geld in de prestatiebox van de rijksoverheid en geld uit de lumpsum. Maar soms heeft een school extra geld nodig voor een activiteit, extra voorzieningen of uitbreiding van het programma. Fondsenwerving kan uitkomst bieden. Fondsenwerving is een overkoepelende term voor geld inzamelen bij fondsen, donateurs of sponsors voor een concreet en meestal ideëel doel.

Met de quickscan weet u als u zes vragen heeft beantwoord, of fondsenwerving zin voor u heeft. Ook als u van plan bent om een aanvraag bij één specifiek fonds te doen is deze quickscan handig om na te gaan of u overal aan gedacht heeft. In het stappenplan fondsenwerving vindt u informatie over fondsenwerving in het algemeen en over de diverse vormen van fondsenwerving. Daarin worden ook de verschillen tussen fondsen, donateurs en sponsors uiteengezet.

  1. Heb ik een concreet project?
  • Nee. Zonder een concreet project waarvoor u geld gaat inzamelen bent u niet klaar om een fondsenwervingscampagne op te zetten. Als u wel een globaal idee heeft, werk dat idee dan eerst globaal uit en daarna kunt u verder gaan met deze vragenlijst.
  • Ja. Oké, ga dan verder met nadenken over hoe u hier geld voor kunt inzamelen.
  1. Wanneer moet het geld er zijn?
  • Eigenlijk nu al, want het gaat om een tekort op een lopende begroting. Helaas, de meeste fondsen geven geen geld aan projecten die al zijn gestart.
  • Binnen nu en drie maanden. Dat is heel krap. Voor een aanvraag bij de meeste fondsen en het vinden van sponsors is dat te kort. Maar u kunt het altijd proberen. Voor het opzetten van een eenvoudige donateurcampagne heeft u wellicht nog genoeg tijd.
  • Langer dan drie maanden. Dat is voldoende tijd om een aantal fondsen aan te schrijven. Maak een realistische planning en zoek uit wat de inleverdata voor de fondsen zijn waar u geld wilt aanvragen.
  1. Heb ik tijd en ‘uren’ om aan fondsenwerving te doen?
  • Nee. Of u nu een aanvraag schrijft voor een fonds of een actie opzet voor donaties van de achterban, fondsenwerving kost tijd en energie. Zelfs als een deel van het werk wordt uitbesteed. Is dat er niet dan moet u er niet aan beginnen!
  • Ja. Maar hoeveel tijd gaat het kosten? Neem eerst de tijd om een plan uit te denken. Daarna wordt snel duidelijk hoeveel tijd de uitvoering gaat kosten.
  1. Is er een betrokken achterban (leerlingen, ouders, buurtbewoners enzovoort)
  • Nee. Jammer, want het is relatief eenvoudig om die achterban aan te spreken voor een financiële bijdrage.
  • Ja. Dan bestaat de mogelijkheid om een donateurcampagne op te zetten.
  1. Hoe zijn de contacten met bedrijven en organisaties in de omgeving?
  • Er zijn geen bedrijven of contacten. Jammer. Dat maakt het moeilijk om in te zetten op sponsoring.
  • Er zijn misschien wel bedrijven, maar daar hebben we geen zicht op. Dat moet u dan gaan uitzoeken. Misschien zijn er bedrijven in uw omgeving die u kunt interesseren voor uw project. Te denken valt aan ouders die een bedrijf hebben, uw eigen toeleveranciers, bedrijven in de buurt of organisaties als woningbouwverenigingen of nutsbedrijven.
  • Ik ken een aantal interessante bedrijven. Mooi! Dat opent de mogelijkheid om geld op te halen via sponsoring. Bedrijven kunnen zowel geld als materiaal geven voor uw project.
  1. Zijn er inkomsten te verwachten uit uw project?

Misschien zijn er manieren om geld ‘terug’ te verdienen met uw project. Wees creatief, en bedenk hoeveel het zou kunnen opleveren. Denk aan:

  • Entreegeld;
  • Verkoop of merchandising;
  • Veiling, loterij enzovoort;
  • Catering;
  • Eigen bijdrage van leerlingen.